Wat is het verschil tussen categoriaal en inclusief cultuurgevoelig werken?

Projectlogo

Wat is het verschil tussen categoriaal en inclusief cultuurgevoelig werken?  

 

 

Antwoord

In het Expertisenetwerk Cultuurgevoelige Jeugdhulp trachten we verschillende benaderingen op cultuurgevoeligheid in dialoog te laten gaan met elkaar. Dit betekent dat we vanuit het project geen uitdrukkelijk standpunt innemen en methodieken, projecten, achtergrondinfo ontwikkeld vanuit de verschillende visies meegeven aan onze bezoekers en ‘opnemen’ in onze activiteiten.

Hieronder zetten we de verschillende benaderingen op een rijtje.  We merken hierbij nog op dat er in de praktijk van het cultuurgevoelig werken veelal met combinaties van de verschilende benaderingen wordt gewerkt.  Cultuurgevoelig werken is dan ook geen of-of maar een én-én verhaal.

Er zijn 3 benaderingen die in de literatuur onderscheiden worden:

-de categoriale benadering

-de inclusieve benadering

-de pragmatische benadering

 

1: de categoriale benadering:

ontstaan:

De categoriale aanpak is ontstaan in de hoogdagen van het streven naar een ‘multiculturele maatschappij’. “Het ‘multiculturalisme’ model vertrekt vanuit een beeld van de maatschappij als een samenstelling van etnische groepen en culturen. De onderliggende veronderstelling is dat de culturele eigenheid ook al de interacties en relaties tussen mensen en groepen in grote mate beheerst. Het lidmaatschap van een bepaalde groep betekent dan automatisch dat men als individu de kenmerkende cultuur van die groep (normen en waarden, taal, religie enz.), maar ook zijn specifieke behoeften en problemen deelt (categoriaal denken). Een beleid dat op deze visie stoelt is daarom sterk categoriaal, wat feitelijk segregerend werkt. Men ontwikkelt gespecialiseerde instrumenten op alle niveaus en specifieke categoriale diensten.”[1]

Idee: door de andere cultuur beter te begrijpen en te leren kennen kan je als hulpverlener de cliënt uit de andere cultuur beter helpen.  De cultuur wordt bekeken als een vrij gesloten systeem met gebruiken, waarden en normen. Om cultuurgevoelig te werken dien je deze systemen te begrijpen, waardoor je rekening kan houden met leden van deze andere culturele groep.

In de praktijk bestaat dit uit o.a.

- een categoriaal beleid voeren:  (Synoniemen: doelgroepenbeleid en verticaal beleid)

“Beleid waarbij, via specifieke maatregelen, de situatie van een bepaalde groep ondersteund of verbeterd wordt. Het uiteindelijke doel is gelijke kansen voor deze doelgroep.” [2]

=> bijvoorbeeld groepsactiviteiten en vormingen organiseren voor een bepaalde groep: bvb creatieve therapie voor Afgaanse jongeren, mamagroepen voor Marokkaanse moeders,...

- naar de hulpverleners toe: vormingen over andere culturen aanbieden: hoe zit de Marokkaanse cultuur in elkaar? Wat zijn communicatiestrategieën voor de Afrikaanse gemeenschap? Hoe is het om in een uitgebreid gezin op te groeien i.p.v. in een kerngezin? ...

 

2: De inclusieve benadering

Op het multicultureel model kwam reactie: multiculturalisme gaat over gemeenschappen die naast elkaar bestaan. Interactie werd niet gepromoot en culturen te statisch en afgebakend gepercipieerd. Na de hoogdagen van het multiculturalisme werd de term vervangen door ‘interculturalisme’.  “Het tweede model kunnen we etiketteren als ‘inclusief niet-categoriaal’. Het ‘melting pot’ model, met al zijn afgeleiden en varianten, is hier van een illustratie. Diversiteit bestaat niet bij wijze van spreken. Het bestaan van cultuurverschillen en etnische groepen wordt enkel erkend als kenmerk van een beginsituatie, maar uiteindelijk dienen zij te ‘versmelten’ in een nieuw cultuurgeheel. Eigenheden moeten vervagen en worden hoogstens getolereerd in de privé-sfeer. Integratie heeft een uniformerende strekking, is Amerikaniserend, anti-diversiteit.”[3]

Idee: Het ‘inclusief denken’ gaat er van uit dat niet cultuurverschillen de kern uitmaken, maar communicatieve vaardigheden en bewustzijn van eigen referentiekaders de sleutel zijn tot een goede interculturele hulpverlening.

In de praktijk:

-streven naar een inclusief beleid:  (Synoniemen: horizontaal beleid en mainstreaming)
“Beleid dat in alle domeinen rekening houdt met verschillen tussen mensen. Of met andere woorden: maatregelen of initiatieven houden rekening met de verschillen tussen mensen en dit in om het even welk beleidsdomein.”[4]

=> activiteiten aanpassen opdat iedereen kan deelnemen. Er wordt geen aandacht gegeven aan een specifieke groep., maar algemeen drempelverlagend gewerkt.

-naar de hulpverleners toe: vormingen waarbij interculturele communicatie en zelfreflectie centraal staan. Hierbij ligt de focus niet op het kennen van de andere culturen maar bij het stilstaan bij je eigen referentiekader, bij de verschillende onderdelen die de identiteit van een individu vormen,...

 

Pro en contra’s van de categoriale en de inclusieve benadering:

De categoriale benadering geeft een houvast en snelle concrete tips aan hulpverleners én aan leden van een gemeenschap.  Er is echter veel kritiek op de categoriale benadering: het model gaat uit van gemeenschappen en groepen die ‘een heel “eigen waardenbeleving” hanteren die grondig schijnt af te wijken van die van de hulpverlener. Dat is een nogal enge interpretatie van de toename van culturele diversiteit in onze samenleving. Een andere interpretatie, legt de diversiteit niet uitsluitend bij de ‘Ander’, maar situeert ze in elk van ons. Elk individu is als het ware het knooppunt van verschillende gedragspatronen, interactiemogelijkheden en waardenbelevingen. We maken tegelijkertijd deel uit van verschillende (culturele) groepen. Bovendien kan ook binnen éénzelfde culturele groep een grote variatie getolereerd worden, zodat we al evenveel kunnen verschillen van mensen uit dezelfde culturele groep als we gelijken op mensen uit een andere culturele groep.’[5]

Door mensen vast te pinnen aan een vooronderstelde cultuur kan je dus fout zijn. Zo zijn kinderen van migranten, die hier geboren zijn, opgegroeid in twee culturen. Zij hebben veelal een goed begrip van de Vlaamse culturen, waarden en normen. Het is gevaarlijk om hen steevast vast te pinnen en te percipiëren vanuit de cultuur van ‘herkomstland’ (nl geboorteland van ouders of grootouders). Misschien primeert in de grootsteden de ‘urban culture’ zelfs? Belangrijk is ook te weten dat zelfs bij nieuwkomers (migranten geboren in een ander land en op volwassen leeftijd naar hier gemigreerd) grote verschillen bestaan. Hoewel ‘vele Afrikaanse gezinnen’ veel belang hechten aan de uitgebreide familie kan het zijn dat een Afrikaanse migrant dit helemaal niet doet en enkel belang hecht aan het kerngezin. Je mag er zo ook niet van uitgaan dat alle Algerijnen moslims zijn; er bestaan ook religieuze minderheden en atheïsten in Algerije.

De inclusieve benadering heeft veel aandacht voor de individuele verschillen. De zwaarste kritiek op dit model is net deze individuele benadering: “De doelgroepenbenadering mag niet helemaal los gelaten worden. Het doelgroepperspectief  kan heel relevant zijn in de fase van de probleemanalyse, omdat dit getuigt van aandacht voor zwakkere groepen in de samenleving. Als noch het beleid, noch de hulp- en dienstverlenende organisaties expliciet aandacht besteden aan groepen die uitgesloten zijn, dan voelt niemand zich hier nog verantwoordelijk voor.”[6]

Heden ten dage zijn er veel mengmodellen:  een beleid kan best ‘inclusief en gedeeltelijk categoriaal’ zijn.  Men streeft er dan naar om zoveel mogelijk inclusief te werken maar tegelijkertijd een categoriaal aanbod te bieden aan groepen die een inhaalbeweging te halen hebben.

Dit is een pragmatisch perspectief aangezien de doelstellingen en het beeld van de ideale samenleving niet op voorhand vastgelegd kunnen worden, maar er wel vaste principes worden afgesproken voor een gelijkwaardige en democratische onderhandeling tussen maatschappelijke groepen.

Men negeert de diversiteit en machtsverhoudingen niet (zoals in het ‘melting pot’-model), maar men gaat culturen ook niet statisch benaderen (zoals in het model van ‘multiculturaliteit’). In dit soort beleid wordt vertrokken vanuit concrete situaties, in plaats van te werken met categorieën. Een voorbeeld van een pragmatische benadering in de hulpverlening is een benadering waarbij men cultuur niet als een definiërende factor ziet in casussen, maar het migratietraject; de ontwrichting van een individu uit een cultuur en de hersetteling van dit individu in een nieuwe cultuur als bron van onevenwicht ziet.


[1] NAAR EEN INTERCULTURALISERING VAN HET WELZIJNSWERK

door Ghislain Verstraete

[2] Terminologielijst | Socius – www.socius.be

[3] NAAR EEN INTERCULTURALISERING VAN HET WELZIJNSWERK

door Ghislain Verstraete

[4] Terminologielijst | Socius – www.socius.be

[5] Interculturalisering van het (algemeen) welzijnswerk: het paard van Troje?

An Piessens, Ilse Sinnaeve & Stijn Suijs

[6] Interculturalisering van het (algemeen) welzijnswerk: het paard van Troje?

An Piessens, Ilse Sinnaeve & Stijn Suijs